“Schenk uw dienaar een opmerkzame geest, zodat ik uw volk kan besturen en onderscheid kan maken tussen goed en kwaad. Want hoe zou ik anders recht kunnen spreken over dit immense volk van U?” 1 Koningen 3: 9
Hoe willen wij dat wij herinnerd worden? Dat we succesvol zijn geweest in het leven? Dat we het materieel goed hebben gehad? In de woorden van Salomo in 1 Koningen 3 lezen we een ander verlangen. Salomo zegt hier dat hij Gods dienaar is. Ondanks zijn enorme welvaart ziet hij zichzelf hier vooral als Gods dienaar. En zijn enige wens is een wens om een opmerkzame geest, zodat hij kan onderscheiden wat goed en wat kwaad is. Wat hebben wij, wat heb ik, die opmerkzame geest ook nodig, in een tijd van politieke en maatschappelijke onrust. Heer, geef mij wijsheid, een opmerkzame geest, zodat ik onderscheid kan maken tussen goed en kwaad. Maak mij tot een kind naar uw hart. Hoe wil jij dat je later herinnerd wordt?