“Toen de farizese schriftgeleerden zagen dat Hij samen met zondaars en tollenaars at, zeiden ze tegen zijn leerlingen: ‘Eet Hij met tollenaars en zondaars?’ Jezus hoorde dit en zei tegen hen: ‘Gezonde mensen hebben geen dokter nodig, maar zieken wel; Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen te roepen, maar zondaars.’”
Marcus 2: 16, 17
Tollenaars en zondaars zijn in Jezus ‘ tijd de door de Farizeeën (Joodse godsdienstige leiders) verachte volksgroepen, terwijl dat júíst de mensen zijn voor wie Jezus is gekomen. Tussen wat Hem bezighoudt en wat de godsdienstige leiders bezielt, is een enorme afstand, een diepe kloof. Ze uiten hun kritiek op Hem tegen Zijn discipelen. De Heer Jezus hoort wat deze mensen Zijn leerlingen zeggen. De discipelen hoeven niet te antwoorden. Dat doet Hij voor hen.
Zijn antwoord maakt duidelijk in welke geestelijke gezondheidstoestand de Joodse leiders zich bevinden. Zij vinden zichzelf gezond. Daarom hebben ze Hem als de Arts niet nodig. De zondaars en tollenaars met wie Hij eet, weten dat ze ziek zijn, dat ze zondaars zijn en redding nodig hebben. Mag Jezus ook jóuw Arts zijn?