“Jullie hebben gehoord dat gezegd werd: “Je moet je naaste liefhebben en je vijand haten.” Dit zeg Ik daarover: heb je vijanden lief en bid voor wie jullie vervolgen; alleen dan zijn jullie werkelijk kinderen van je Vader in de hemel.”
Mattheus 5: 43 – 45
Als mensen je enorm pijn hebben gedaan, als mensen jou hebben gekwetst, wat moet je dan met deze tekst? Moet je altijd vergeven? Moet je ze écht liefhebben? Liefde voor mensen die je pijn doen gaat niet vanzelf. Gelukkig staat in deze tekst het ondubbelzinnige woordje “en”. En bid voor wie jullie vervolgen. (of pijn doen) Ga eerst in gebed tot God, die jóú oneindig liefheeft. Hij, die een en al liefde is, zal jou ook leren, hoe je die ander tóch liefdevol tegemoet kan treden. Dat vergt wilskracht en moed. En je hoeft ook niet over je heen te laten lopen! Als je zelf stáát in Gods liefde, straalt dit kracht uit. Een kracht die in staat is, om ook mensen die jou kwetsen, tóch liefdevol tegemoet te treden. En blijf bidden om een verandering van hun kwade hart.








